![]() | |||
Fantasie en Feiten. | |||
|
Er is in de afgelopen jaren veel meer en minder serieus onderzoek gedaan naar de herkomst van de Wicca. De studies van onder
andere prof. Ronald Hutton, die zich verdiepte in de beweging zelf, alsmede een ongekende vooruitgang in onze
archeologische kennis van het verleden, hebben alle claims als zou het gaan om een voorchristelijke matriarchale religie
voorgoed naar het rijk der fabelen verwezen. Wicca is een moderne stroming, ontstaan in Engeland in de jaren 50 van de
vorige eeuw. Het was Gerald Gardner die als eerste vorm gaf aan wat hij the Craft (‘Kunde’) noemde. Hij zag dit als ‘de’
oude religie, een voortzetting van dat wat men vroeger zag als ‘hekserij’, maar wat eigenlijk een heidense voortzetting
van de universele oude natuurreligie van Europa zou zijn geweest. Gezien de aantoonbare bronnen waaruit hij zijn inspiratie
heeft geput, valt het sterk te betwijfelen of hij zelf geloofde dat zijn stroming een restant was van een oude heidense
vruchtbaarheidscultus. Wel valt aan te nemen dat hij onterecht - maar wel oprecht - geloofde dat vele folkloristische gebruiken
die in werkelijkheid meestal restanten waren van een oud katholiek volksgeloof, terug zouden gaan tot een dergelijk heidens
verleden. We vinden veel van deze gebruiken daarom ook bij voorkeur terug in de vormgeving van zijn rituelen. Gardner was met zijn groeiende groep van priesteressen echter al snel niet meer de enige die de nieuwe stroming vorm kon en wilde geven. Alex Sanders is de tweede grote naam die kwam met een variant waaraan hij zijn eigen naam zou schenken. Hij claimde dat hij de ‘oude religie’ van zijn grootmoeder had geleerd, die het weer van haar grootmoeder had, en zo verder tot aan de tijd der dinosaurussen. Die grootmoeder was echter al in zijn jeugd overleden, en de Alexandrian Wicca leek vanaf het begin wat al te sterk op het product van Gardner. Maar met name Alex Sanders ging in de jaren 1960 en 1970 van de vorige eeuw zo massaal en voortvarend te werk dat zijn nieuwe variant de grootste van de twee tradities werd. Naast de beide stromingen van Gardnerians en Alexandrians zijn er in de loop der tijd steeds nieuwe varianten bijgekomen zoals de Dianic Wicca (exclusief voor vrouwen) en de ongrijpbare Faerie Wicca (waar intuïtie voor de vorm gaat) die beiden als officiële stromingen worden erkend. Maar ook ontstonden er vele minder erkende en bekende vormen zoals de vele zogenaamde erfheksen die zeggen terug te gaan op oude familietradities (maar toch altijd weer verdacht veel lijken op de Wicca), de doe-het-zelf solitary’s (alleenstaande Wicca’s die echter wel altijd in een groep of coven dienen te zijn opgeleid of ingewijd), en verder natuurlijk heksen in alle soorten en maten die je maar kunt bedenken omdat het woord ‘heks’ feitelijk niets en alles kan betekenen. Ook de vele afgeleide heidense of ‘paganistische’ stromingen die in de marge van de Wicca zijn ontstaan hanteren meestal dezelfde vormgeving en principes en mogen we tot dezelfde familie rekenen. Daarbij is van de oorspronkelijke uitgangspunten soms maar weinig overgebleven. Terwijl de Wicca is ontstaan vanuit een terug-naar-de-natuurbeweging met de blik vooruit naar de toekomst, lijkt het er nu steeds vaker op dat men de blik richt op een geïdealiseerd Europees heidens verleden en men toekomst of heden niet onder ogen wil zien. Sommige groepen nemen zelfs een uitermate politiek conservatief nationalistisch standpunt in, dat niet zelden dreigt te ontaarden in een ‘eigen volk eerst’ gedachte met bedenkelijk fascistoïde trekjes. Het mag duidelijk zijn dat wij ons van deze laatstgenoemden, maar ook van hen die dwepen met een ideaal droomverleden sterk distantieren. Dit is ook de reden waarom wij afstand nemen en ons altijd zullen verzetten tegen elke overkoepelende organisatie die zonder er verder bij na te denken pogingen doet om al deze afgeleiden van de oorspronkelijke gedachte samen te brengen onder één enkele noemer. Zolang er teveel kaf onder het koren is leiden dergelijke pogingen tot een smet op naam en reputatie van de stroming in het algemeen. |
|||
![]() Pentakel en altaar met rituele 'tools'. | |||
|
De ‘heidense familie’ is ondertussen al zo groot geworden dat niemand meer kan overzien wat er gaande is. Een mengelmoes
van tradities (niet ouder dan de jaren 1950), folkloristische overleveringen, volksgeloof en gebruiken uit alle religies
die je maar bedenken kunt zijn gekoppeld aan een uitdijend eigen erfgoed dat op filosofisch en ethisch gebied zich
eigenlijk in niets onderscheidt van de Westers christelijke cultuur waaruit het is ontstaan. Immers, de Westerse
cultuur is nu net diezelfde mengelmoes van klassieke Oudheid, heidendom, katholicisme en hervorming waaruit
ook de Wicca voor haar bronnen put. De term ‘heidendom’ is volgens mij dan ook verkeerd gekozen. Niet alleen is de
stroming een product van de totale mix van onze Westerse cultuur (met eventuele exotische 'specerijen' vermengd), ze heeft
ook niets te maken met de wijze waarop de heidense culturen indertijd tegen wereld en natuur aankeken. De ethiek en
filosofie achter de moderne hekserij verschillen slechts in oppervlakkige details van de omringende maatschappij. “Heksen
zijn ook heel gewone mensen” hoor je vaak, en dat zegt al genoeg. Voor de vormgeving of ‘uitvinding’ van dat wat later Wicca zou worden in de vroege jaren 1950, zijn nergens sporen te vinden zijn die voldoende aansluiten om te kunnen spreken van een voortzetting van een traditie. De aantrekkelijke band van Wicca met een prechristelijk verleden was mede daarom zo aantrekkelijk omdat er over deze prehistorische periode in die tijd zo goed als niets bekend was. Met andere woorden; het was mogelijk om de ontbrekende feiten naar wens in te vullen. Zo schiep de Wicca haar eigen geschiedenis en mythe, die steeds verder werd uitgebouwd en voort ging bouwen op een stortvloed van boeken en publicaties die zonder verdere onderbouwing dit verhaal steeds opnieuw herhaalden en bevestigden.De vele zogenaamde feiten en verhalen die de ronde doen zijn geen van allen objectief gebleken. Omdat het goed verkoopt (of omdat men dogmaisch weigert het te geloven) wordt echter nog steeds de geschiedenis aangepast of verandert om de oude mythen te onderbouwen door ‘nieuwe feiten’ aan te dragen. Het is werkelijk ongelooflijk hoe gemakkelijk het grote publiek steeds weer bereid is de meest duidelijke verzinsels voor waar aan te nemen. Misschien is de waarheid wel te saai om te geloven. Naar onze mening is het echter een slechte zaak dat vele van de al lang ontzenuwde verzinsels die steeds opnieuw in publicaties en boeken worden herhaald, de twijfelachtige status van dogma hebben weten te bereiken. Het ontkent niet alleen het historische besef van een verleden dat ons gemaakt heeft tot wat wij zijn, maar is ook een handig middel om mensen te misleiden. En zo kon, in tegenstelling tot de herhaalde verzekering dat de Wicca geen dogma’s zou kennen, een aantal duidelijke aannames uitgroeien tot bijna heilige uitgangspunten. Naast de zogenaamde prehistorische geschiedenis geldt vooral het matriarchale karakter van de Wicca als basis voor een hele rits van vastgelegde regels en gebruiken, waar we de nodige vraagtekens bij kunnen en durven te stellen. Niet alleen is het zeer twijfelachtig gebleken dat er ooit zoiets als een matriarchale cultuur in de prehistorie heeft bestaan (zeker in prehistorische tijden lijkt er bewijs te zijn dat man en vrouw elkaar juist noodgedwongen aanvulden), ook is het een feit dat de enige lijn die de Wicca met een dergelijk ver verleden verbindt via de klassieke Oudheid, via middeleeuws christendom en via de latere hervormingen naar de moderne tijd loopt. In al deze tijdperken is de samenleving altijd een wisselwerking geweest van zowel mannen als vrouwen, met elk hun specifieke ongelijke positie in de samenleving. Dat er zeker vandaag de dag nog steeds behoefte bestaat aan emancipatie van de vrouw is overduidelijk. Maar zeker mag ook niet vergeten worden dat dit tot mislukken is gedoemd als niet tegelijkertijd (en misschien wel allereerst) de rol van de man in de maatschappij op de schop genomen wordt. Een gelijke behandeling van man en vrouw is niet gebaat bij vrouwen die een mannenrol gaan imiteren, of mannen die zich (vaak schijnbaar) willen onderwerpen aan een vrouw. Daarbij is het helemaal geen optie om de oplossing te zoeken in een poging tot reconstructie van een fantasieverleden dat voorbijgaat aan de mogelijkheden en vereisten van de dag van vandaag. Wat we in de Wicca hier en daar zien is dat men de vrouw vaak op een dusdanig verheven voetstuk plaatst, dat zij wordt tot een Godin. Voor velen in de Wicca (mannen en vrouwen) is de Hogepriesteres een soort van supervrouw die vooral mannen dienen te aanbidden als personificatie van de Godin. Zij moet mooi moet zijn en bevallig, maar ook streng en overheersend. Volgens sommigen moet zij zelfs wijken voor een jonge opvolgster wanneer zij oud en minder aantrekkelijk wordt. Wij kunnen ons helaas niet aan de indruk onttrekken dat de verheven positie van de vrouw in veel van deze zogenaamd matriarchale groepen toch eerder juist een afspiegeling is van een mannelijk verlangen dan een weerspiegeling van een vrouwelijke status. Zij bevestigen in die hoedanigheid juist een patriarchaal rolpatroon waarbij de vormgeving van de vrouw zich schikt naar de wensdroom van de man. Het is dan ook opvallend dat veel van de leidinggevenden in deze stroming, ook al beweren zij dat het niet zo is, toch vaak mannen zijn, te beginnen met de oprichters van de Wicca zelf. Met al het voorgaande in het achterhoofd zijn wij gekomen tot het innemen van een eigen positie in het spanningsveld van elkaar beconcurrerende stromingen, tradities en groepen. Voor ons is de Wicca net als alle andere Westers filosofisch religieuze stromingen deel van een gezamenlijk erfgoed dat is gebouwd op de principes van eenheid en polariteit die de grondbeginselen vormen van de Westerse logica. Binnen de veelheid van stromingen en tradities in de Wicca zelf hechten we echter grote waarde aan de voortzetting van de oorspronkelijk opgestelde vormen, maar wel zonder ons gebonden te voelen aan door deze of gene opgestelde dogma’s. Priesterschap berust volgens ons op het persoonlijk contact met een hogere goddelijke waarheid, en het doorgeven hiervan als deel van een inwijdingstraditie die garant staat voor de waarden en principes die de Craft naar buiten toe wil representeren. | |||